Acculturatie en identiteit

Essay add: 28-10-2015, 12:40   /   Views: 300

Inleiding

Toen ik mijn huidige vrouw ontmoette, ontmoette ik tevens haar cultuur. Zij is Turks en ik kwam dus direct in aanraking met de Turkse cultuur. Op een dag was haar moeder jarig en dus ging ik bij haar langs met een bloemetje om haar te feliciteren. Zij keek mij vreemd aan en begreep er in eerste instantie niets van. Wat bleek? In haar cultuur worden verjaardagen helemaal niet gevierd! Dat vond ik zo fascinerend, omdat het voor mij vanzelfsprekend was dat iedereen verjaardagen vierde. Door deze gebeurtenis stelde ik mijzelf steeds vaker de vragen: "Waarom geven wij eigenlijk cadeautjes? Hoe is het gesteld met het geven van cadeaus in verschillende culturen? In welke situaties wordt er wel aan gedaan en in welke situaties niet en waarom? Dat wordt de hoofdvraag van deze paper. Om een filosofisch tintje te geven aan mijn paper zal ik mij tevens verdiepen in de "gift-theory" van Mauss. Mauss gaat er vanuit dat mensen van nature slecht zijn en elkaar alleen maar dwars willen zitten, een soort Hobbesiaanse houding. Maar waarom geven mensen elkaar dan cadeaus? Wat betekent het om cadeaus te geven? Wat zijn de sociale en psychologische functies van cadeaus geven? Wat betekent het voor de identiteit van mensen en culturen?

Algemeen deel

Als we iets cadeau krijgen staan we voor een dilemma: moeten we kijken wat het is of niet? In sommige culturen legt men het geschenk liever weg, omdat het anders lijkt alsof je de waarde taxeert. Wij maken het juist liever open en zeggen dan: dat had je niet moeten doen. Bij een boekenbon is het anders: die maken we niet open, of alleen tersluiks. Waarom al dat ceremonieel? Omdat we willen uitstijgen boven het louter economische van een ruilhandel. We willen de kostbaarheid van het geschenk handhaven. Toch weten we ook dat we in een netwerk zitten van wederkerigheid: "Ik geef jou wat, want de vorige keer gaf je mij wat, ik kom bij jou eten, want ik ben aan de beurt". Is het waar dat elke gave eigenlijk een ruil is, zoals cynici als Freud, maar ook economen wel menen? Zou zelfs de religie daar niet aan ontsnappen: doe zonder iets terug te ontvangen en groot zal je loon zijn! Filosofen als Derrida (, geraadpleegd op 10-03-2010) hebben zich laten inspireren door godsdienstwetenschappelijke studies zoals die van de antropoloog Marcel Mauss (Mauss, M. 1990 (1922). The Gift: forms and functions of exchange in archaic societies, London: Routledge) om meer te begrijpen van het geven en het geschenk.

Waarom geven we elkaar geschenken? Omdat we elkaar belangrijk vinden. Door een geschenk toon je dat je een band hebt met iemand. Hij of zij betekent nog altijd iets voor je. Natuurlijk is het ook wel een gewoonte. Met Kerstmis is vooral de familie belangrijk. Samen met je familie eet je dan lekkere dingen. En er worden geschenken gegeven. Dat hoort er gewoon bij. Mensen zijn namelijk sociale wezens, en geven bevestigt het samenzijn. Geven is wat ons bindt. Daarnaast zijn cadeaus ook 'smootheners', het is een oplossing voor het ongemakkelijke moment van binnenkomst (Nugteren, College A&I, 11-12-2009). Als we ergens binnenkomen, bijvoorbeeld de eerste keer dat we naar onze schoonouders gaan, weten we niet goed wat we met onze handen moeten doen en we weten ons niet zo goed een houding te geven. Om dat ongemakkelijke moment te omzeilen, geven we vaak een kleinigheidje. Verjaardagcadeautjes bestaan nog geen 100 jaar. Vroeger was het namelijk helemaal niet belangrijk wanneer je jarig was. Pas in de negentiende eeuw werden de eerste verjaardagen gevierd. Maar alleen door rijke mensen en zonder cadeaus. Die traditie ontstond pas rond 1920. De jarige kreeg bijvoorbeeld een paar nieuwe schoenen. Een nuttig cadeau dus. Als je geluk had, kreeg je er een leuk leesboekje bij. Wel een verschil met nu! Sommige mensen beweren dat het feestvarken doelwit was van boze geesten, en dat daarom cadeautjes werden gegeven ter bescherming. Hoe dan ook, tegenwoordig is jarig zijn een groot feest, met cadeautjes (, geraadpleegd op 10-03-2010).

Cultuur en identiteit

Cultuur is een stelsel van symbolen, gewoonten, idealen, gedragingen, normen, waarden en visies dat een bepaalde groep onderscheidt van de andere. Cultuur kun je op verschillende niveaus bekijken, van groeps- tot globaal niveau. Je identiteit ontleen je voor een groot deel aan de groep(en) waartoe je behoort: familie, vrienden, collega's, medestudenten, maar ook provincie, regio en zeker natie waarmee je je het meest verbonden voelt spelen een belangrijke rol. De gedeelde normen, waarden en bijvoorbeeld gewoontes en tradities bepalen de identiteit van een groep, maar ook voor een groot deel de identiteit van het individu in de groep. In hoeverre cultuur van een natie de identiteit van een persoon bepaald is vooral merkbaar wanneer de persoon zich buiten de groep bevindt (, geraadpleegd op 10-03-2010).

Maar wat is nou eigenlijk identiteit? In eerste instantie zou je denken dat die vraag gemakkelijk te beantwoorden is: identiteit is dat wat iets is. Maar het ligt wat gecompliceerder. De term identiteit wordt gebruikt op drie verschillende manieren. Ten eerste is er de beschrijvende manier, die houdt in dat identiteit gezien wordt als een onderdeel van vele fenomenen, zoals nationaliteit, geslacht, individueel karakter, persoonlijkheid, psychologische noden, persoonlijke voorkeuren enzovoorts. Al deze kenmerken zijn bepalend voor wie je bent. Als tweede wordt de verklarende manier onderscheiden. Daarin krijgt het concept identiteit een alles-verklarende status. Wanneer ergens geen andere verklaring voor te vinden is, komt de identiteit om de hoek kijken als verklarende factor. Dit gebeurt bijvoorbeeld wanneer men niet kan verklaren waarom allochtone jongeren slechtere schoolresultaten behalen dan autochtone jongeren. Als derde en laatste manier wordt de normatieve betekenis geaccepteerd. Het hebben van een identiteit wordt gezien als goed en begerenswaardig. Iedereen heeft recht op zijn eigen identiteit. (Verkuyten, 2006, p.39-42).

Erik H. Erikson herinnert ons eraan dat het identiteitsconcept niet slechts gaat over individuen of over samenlevingen, maar om de relatie van die twee (Erikson, E.H., 1966, p.145-177). Het gaat om de manier waarop individuen gerelateerd zijn aan de wereld waarin ze leven. Dat wordt ook wel de sociale identiteit genoemd (Verkuyten, 2006, p.42). Ieder individu heeft dus een persoonlijke identiteit en een sociale identiteit. De keuzes die we maken tussen onze persoonlijke en sociale identiteit verlopen vloeiend en worden gebaseerd op de mate waarin ze kunnen bijdragen aan een positiever zelfbeeld. De nadruk ligt bij de sociale identiteit niet op wat een individu uniek maakt, maar op de overeenkomsten met sommigen en de verschillen met anderen (id., p.43). Sociale identiteit gaat over de categorische karaktereigenschappen, zoals sekse, leeftijd en etnische achtergrond, die een individu plaatsen in zijn sociale omgeving. Deze karaktereigenschappen onderscheiden een persoon van mensen die deze eigenschappen niet hebben. Je identiteit als lid van een bepaalde etnische groep, een bepaalde cultuur of een sekse bepaalt wat je in feite bent. Iemands particuliere identiteit kennen betekent weten in welke sociale categorie die persoon past. Het 'lidmaatschap' van deze categorie is de sociale identiteit (id., p.43). Het moge duidelijk zijn dat een individu meerdere sociale identiteiten heeft. Iemand is bijvoorbeeld een jongen, een Marokkaan en is 28 jaar. Die drie eigenschappen plaatsen hem in drie sociale identiteitsgroepen. Het geven van cadeaus kunnen we nu zien als een onderdeel van de sociale identiteit. Omdat je in een bepaalde cultuur leeft waarin het geven van cadeaus met bepaalde tradities gepaard gaat, is dat een onderdeel van je sociale identiteit.

Wanneer een individu emigreert naar een land waar een andere cultuur heerst, zie je vaak dat de sociale identiteit van dit individu verandert. Wat opvalt is dat biculturele individuen zich aanpassen aan de omstandigheid waarin ze zitten. Ze geven vaak aan dat beide culturen in hen leven. Ze ervaren dit verschil eigenlijk constant. Een Turk bijvoorbeeld voelt zich thuis niet helemaal meer Turk, omdat met name de ouders willen dat hij zich aanpast aan de nieuwe (Nederlandse) cultuur en op school voelt hij zich niet helemaal Nederlander, omdat hij toch 'anders' is. Dat proces noemt men 'frame switching'. (Ying-yi Hong, 2000, p.710). Dit gebeurt ook bij het krijgen en geven van cadeaus. We zien dat bijvoorbeeld Turken thuis geen verjaardagen vieren, maar dit wel doen met klasgenoten of collegae. Volgens Park en Stonequist is het leven in twee culturen psychologisch onwenselijk, omdat de moeilijkheid van twee referentiepunten leidt tot ambiguïteit, verwarring en normloosheid (LaFromboise, 1993, p.395). Naast het feit dat etnische minderheden economische en sociale discriminatie ervaren, heeft het leven in twee culturen ook zijn voordelen ten opzichte van monoculturaliteit, namelijk het ontwikkelen van competenties in beide culturen (id., p.402). Persoonlijke en sociale identiteit nemen een significante rol in bij het ontwikkelen van biculturele competenties, volgens het model van Schlossberg. De persoonlijke identiteit wordt gevormd door iemands zelfbeeld in relatie tot zijn culturele omgeving. Om de negatieve effecten van biculturaliteit te overwinnen moet een individu een bepaalde mate van persoonlijke integratie bewerkstelligen. Twee facetten zijn daarbij van belang: enerzijds de zelfvoorzienende kracht en anderzijds de ontwikkeling van de sociale identiteit (id., p.403).

Rites de passages

Cadeaus geven is tevens een vorm van ritueel gedrag. Ritueel gedrag heeft te maken met een bepaalde waarde die je ergens aan toekent buiten de gewone waarde om. Je markeert in feite een belangrijk iets in je leven, een overgang tussen twee fases (Nugteren, college A&I, 11-12-2009). Rites de passages zijn een soort niet-noodzakelijke, cultureel geworden elementen van onvermijdelijke biologische veranderingen (Bell, 1997, p.94). Ze kunnen religieus zijn, maar dat is niet noodzakelijk. Een ritueel is als het ware te verstaan als tekentaal, buiten de woorden om. Zij wordt ook zichtbaar in gebaren en houdingen. Als communicatiemiddel drijft zij grotendeels op non-verbaal gedrag. Houdingen kunnen bewust zijn gekozen, of onze gebaren zijn juist onbewust. Maar altijd brengen ze een boodschap over. Communicatie tussen 'zenders en ontvangers' in een ritueel gaat vaak gepaard met een rolwisseling. Gebaren zijn ook een belangrijk middel in groepsprocessen: ze kunnen de onderlinge band versterken. Soms gaat het daarbij om massale gebaren, negatief of positief: de Hitlergroet of high five en waves. Soms om traditionele gebaren bij levensrituelen en soms gedeelde antropologische gewoonten all over the world: rijst gooien bij een huwelijk of zwaaien bij een afscheid (Hegeman, z.j., p.32). Rites de passages zijn rituelen die een overgang in het leven symboliseren. Er worden verschillende soorten rite de passage onderscheiden, bijvoorbeeld politieke rites, zoals de vijf-meiviering, maar ook rites van feesten, uitwisseling en communicatie. Het geven van cadeaus is onderdeel van rites de passages. In de meeste culturen is het sociale leven een serie van grote en kleine rituele gebeurtenissen (Bell, 1997, p.95)

Religieuze rituelen gaan vaak gepaard met offers/giften. Een persoon 'geeft' iets aan God met het geloof er iets voor terug te krijgen. Dit kan variëren van een gebed tot het plaatsen van bloemen, wierook of kaarsen, en zelfs kinderen worden geofferd (Bell, 1997, p.108). Offeranden en uitwisselingen worden vaak gedaan vanuit een geloof in het bovenaardse, maar daarnaast zijn deze activiteiten belangrijk vanwege een aantal sociale en culturele processen waarmee de samenleving zichzelf organiseert (id., p.109).

Cadeaus in verschillende culturen

Nederland

Attenties worden meestal overhandigd bij een eerste ontmoeting, het ligt een beetje aan de gelegenheid. Het is ook niet vreemd om met cadeaus te wachten tot het einde van het bezoek.

In Nederland is het heel gepast als cadeaus direct worden uitgepakt. Omstanders zijn vaak nieuwsgierig. Het is de bedoeling dat de ontvanger het cadeau even toont of zelfs laat rondgaan. De gever wordt ter plekke bedankt. Wederkerigheid is een concept dat in Nederland losser wordt gehanteerd dan in veel andere culturen. Het is niet gebruikelijk iemand meteen iets terug te geven. Wanneer Nederlanders een uitnodiging ontvangen om bij iemand thuis te dineren nemen ze meestal een attentie mee zoals bloemen of bonbons. Na verloop van tijd is dit soms een gewoonte die overgaat. De attentie is dan dat men elkaar regelmatig uitnodigt voor een etentje. Nederlanders vinden het vaak leuk om iets cadeau te krijgen wat in eigen land niet te koop is.

Japan

Japan wordt wel het land van de cadeautjes genoemd. Cadeautjes uitwisselen, het geven en krijgen is eigenlijk een onderdeel van de Japanse cultuur en er zijn dan ook erg veel gelegenheden waarbij men in Japan cadeautjes aan elkaar geeft. Men heeft er ook een apart woord voor: zôtô. Twee belangrijke gebeurtenissen of eigenlijk tijdstippen waarop cadeautjes worden uitgewisseld zijn in december en in juli. Hierbij geeft men cadeautjes aan collega's, chefs op het werk, vrienden of familieleden. Heel belangrijk zijn de cadeautjes in december, deze worden 'oseibo' genoemd en dit betekent 'einde van het jaar cadeautje'. Hierbij geeft men cadeautjes aan vrienden, kennissen en zakenrelaties die men wil bedanken voor hun hulp of gewoon voor hun vriendschap tijdens het afgelopen jaar. In Japan is het einde van het jaar en het daarop aansluitende begin van het nieuwe jaar heel belangrijk Het zijn cadeautjes waarvan de waarde veelal tussen de paar duizend en vijfduizend yen kan liggen. Hoe belangrijker de ontvanger, hoe duurder het cadeau. Eigenlijk identiek is in juli 'ochûgen', alleen is de achtergrond anders. Ook dan geeft weer iedereen aan iedereen cadeautjes. Het geven van deze cadeautjes valt ongeveer samen met het 'O-bon festival' en de cadeautjes worden daarom ook wel 'o-bon-cadeautjes' genoemd. Dat is niet toevallig want het is zeer waarschijnlijk ontstaan uit het geven van voedsel aan de goden tijdens o-bon. Het is ook in deze perioden (december en juli) dat de werknemers bonussen op het werk ontvangen. Vlak na de ontvangst van de bonussen is het dan ook erg druk in allerlei winkels, iedereen moet voor iedereen een cadeautje kopen. Dit betekent echter niet dat men tussen deze tijdstippen elkaar niets geeft.

Het is wel gebruikelijk om iemand te bedanken, als deze persoon iets bijzonders heeft gedaan of als men een uitnodiging heeft ontvangen en men wil de gastheer/gastvrouw hiervoor bedanken. Dit presentje, bijv. een cake, wordt dan gebracht en deze wordt 'temiyage' genoemd. Een verplichting voor iedere Japanner die op reis gaat, zijn de 'omiyage' (souvenirs). Deze worden meegenomen voor familieleden, kennissen, buren of andere bekenden. Meestal zijn dit weliswaar maar kleine cadeautjes, maar het kan de reis soms wel aardig inspannend en duur maken.

Het geven en ontvangen van cadeautjes is in Japan een subtiele aangelegenheid. Als men iets gekregen heeft, wordt goed bijgehouden wat men van wie gekregen heeft, om de volgende keer als er iets moet worden teruggegeven, een presentje van gelijke waarde terug te kunnen geven, teneinde de eerste gever niet in verlegenheid te brengen. Als het cadeau namelijk duurder is, is de eerste gever de volgende keer verplicht ook weer een duurder cadeau te geven, maar als het cadeau geringer van waarde is, is de ontvanger beledigd. Er worden in Japan erg veel cadeautjes gegeven en ontvangen, veelal teveel en daarom worden veel van die cadeautjes bewaard en weer aan iemand anders gegeven. Ook al een reden om goed bij te houden van wie men iets gekregen heeft. Het zou uiterst pijnlijk zijn als een gever de volgende keer weer zijn eigen cadeautje terug krijgt. Het is gebruikelijk een cadeautje met beide handen aan te bieden en te ontvangen. Het wordt als niet correct gezien om de cadeautjes direct uit te pakken in het bijzijn van de gever. Er zijn cadeautjes die men niet geeft. Zo wordt iets dat uit een setje van vier bestaat niet gegeven, omdat het woord voor vier (shi) overeenkomt met het woord voor dood. Ook kammetjes en groene thee worden niet gegeven. Het woord voor kammetje is 'kushi'. Hierin zit 'ku', dat vele betekenissen heeft, maar één ervan is 'lijden'. Shi van 'kushi' betekent weer dood. Groene thee wordt veelal gebruikt bij begrafenissen en om die reden niet geschikt voor een gift (, geraadpleegd op 10-03-2010).

China

Het juiste moment waarop cadeaus worden overhandigd wisselt per cultuur. Volgens Chinees gebruik gebeurt dat vaak tijdens de eerste ontmoeting. Chinezen zijn doorgaans niet gecharmeerd van geschenken als scharen, mesjes en briefopeners. Deze worden snel geassocieerd met het opzeggen van een vriendschap. Ook is het af te raden de oudere generatie een klok of horloge cadeau te geven. Voor veel Chinese senioren is een klok een symbool voor 'bad luck'. Dure cadeaus aan regeringsleiders of andere hooggeplaatste personen worden vaak niet op prijs gesteld (behalve in Hongkong). Een goed alternatief is een pen. De reden daarvoor is simpel. De Chinese taal bestaat voor een deel uit beeldmerken, die niet allen ondervangen kunnen worden door middel van een typemachine of computertoetsenbord. Daardoor wordt er veel met de hand geschreven en getekend. Een mooie kwaliteitspen uit het westen beschouwt men als een waardevol instrument. Het is gebruikelijk dat een aangeboden cadeau in eerste instantie wordt geweigerd. Vervolgens is de bedoeling dat de gever blijft aandringen tot het cadeau wordt geaccepteerd (, geraadpleegd op 10-03-2010).

Indonesië

Het uitwisselen van cadeaus vormt een belangrijk aspect van de Indonesische cultuur, met name in de privé-sfeer. In zakelijk verkeer zijn cadeaus minder gebruikelijk, wel complimenten waaruit waardering blijkt. Cadeaus die door het eigen bedrijf zijn uitgegeven zoals sweatshirts, spijkerbroeken, T-shirts en souvenirs van stad of dorp worden zeer op prijs gesteld. Een gegeven cadeau mag nooit worden geweigerd, want een weigering wordt als een belediging opgevat. Wanneer u als westerling in schoenen handelt, combineer dan niet op enigerlei wijze in een cadeau schoeisel met een afbeelding van de Indonesische vlag. Beide mogen niet met elkaar in verband worden gebracht. Geef in verband met religieuze voorschriften geen geschenken van runderleer aan Indonesische Hindoes. Door Moslim- en Hindoe-invloeden wordt de linkerhand gezien als onrein. In contact met een Indonesiër mag u niets pakken of aanpakken, mensen of eten aanraken met uw linkerhand (, geraadpleegd op 10-03-2010).

Saudi-Arabië

Het uitwisselen van geschenken, ook aan familieleden van zakenpartners, wordt zeer gewaardeerd. Saudi's zijn gesteld op modieuze goederen, luxe consumptiegoederen, juwelen en voorwerpen die aanzien en welstand uitstralen (letterlijk schitteren). Ook houdt men van literatuur. Het geven van alcohol of eau-de-cologne is uit den boze. Saudi's houden ervan gefotografeerd te worden. Alcohol en varkensvlees zijn in Saudi-Arabië streng verboden (, geraadpleegd op 10-03-2010).

Rusland

In Rusland is het gebruikelijk meteen een geschenk te geven. Als u niet voor iedereen iets heeft, kunt u het beter achterwege laten. Niet altijd wordt een aardigheidje meteen uitgepakt, zoals wanneer er meerdere personen bij het gesprek betrokken zijn. De oudere Russen houden van pennensets, agenda's, boeken (vooral met geïllustreerde platen over Nederland). Horloges, rekenmachines, sterke drank en sigaren zijn ook altijd goed. De jongere generatie houdt van luxe, dure cadeaus. Als de gasten in het bezit zijn van een zogenaamde datsja, zijn bloembollen, pootaardappels of groentezaden zeer welkom. Cadeaus die de indruk wekken superieur te zijn, moeten worden vermeden (, geraadpleegd op 10-03-2010).

Economische logica

Waldfogel beredeneerde volgens de economische logica dat spullen voor iemand anders kopen inefficiënt is. We kunnen immers de preferenties van die ander niet goed inschatten. De kans dat we met iets aankomen dat niet iets is dat de ontvanger zelf had willen kopen, is redelijk groot (klamer.nl, geraadpleegd op 10-03-2010). Anders dan in de economische wetenschap is de gift een belangrijk onderwerp van antropologisch, sociologisch en ook filosofisch onderzoek. Daarin wordt de gift duidelijk onderscheiden van een economische ruil. Terwijl in een typische economische ruil de termen van de ruil duidelijk gespecificeerd zijn - jij krijgt dit in ruil voor dat en daarmee is de kous af - blijven de termen in geval van de gift ambigu. Geef ik een vriend een lift naar het vliegveld, dan verwacht ik wellicht dat hij ook iets voor mij doet. Alleen spreken wij dat niet af (id.) Een belangrijk verschil is ook dat in het geval van een gift er in principe niet expliciet gemeten wordt. We gaan niet opschrijven hoeveel die lift gekost heeft. Het belangrijke geven doen u en ik dagelijks, wanneer wij tijd, liefde, cadeaus en ook wel eens geld geven aan gezinsleden, vrienden en soms wildvreemden. Dat geven is economisch, omdat het ons iets kost, maar dat geven is ook sociaal, het vergt sociale kennis om te weten wat te geven en hoe te ontvangen (id.). Doordenkend over het geven wordt het duidelijk dat geven een essentieel onderdeel is van de intermenselijke relaties en daarmee van de samenleving. Families, vriendschappen, clubs, de wetenschappen en de kunsten bestaan bij gratie van de gift. Als de koningin op staatsbezoek gaat is zij beladen met geschenken. De cadeaus worden plechtig overhandigd. Als de ceremonie goed verloopt, is het bedrijfsleven tevreden. Het vertrouwen is gewekt. Nu kunnen we zaken doen. Het ritueel is nodig.

Sociaal-antropologische visie

Een sociologische visie benadrukt dat dankbaarheid onderdeel is van de keten van wederkerigheid. Als zodanig vervult dankbaarheid belangrijke cohesieve functies voor de samenleving. Een cultuur of samenleving die beroofd is van alle handelingen uit dankbaarheid zou onvermijdelijk in elkaar storten. Volgens sociaal antropologe Aafke Komter zijn er vier basismodellen van sociale relaties: affectieve relaties, relaties op basis van asymmetrie en machtsongelijkheid, relaties van gelijkheid en relaties die berusten op instrumentaliteit (Komter, 2003, p.16). Daarbinnen is het belangrijk na te gaan welke motieven aan geven ten grondslag liggen en welke psychologische factoren een rol spelen. Kern van haar betoog is dat het bij geven gaat om wederkerigheid. Een gift is zowel de weerspiegeling als de spiegel van een relatie. Komter onderscheidt verschillende materiële en immateriële giftactiviteiten, zoals geschenken, geld, voedsel, gastvrijheid, hulp en zorg en ten slotte ook bloed- en orgaandonaties. Geven gebeurt objectief gezien meestal op basis van het wederkerigheidsprincipe, maar wordt subjectief ervaren als een wezenlijk niet-economische, spontane en altruïstische activiteit, bedoeld om persoonlijke gevoelens over te brengen en niet als economische transactie (id., p.17). De antropologische theorie van de gift is in essentie een theorie over menselijke solidariteit, stelt Komter (id., p.195). Zonder geven zou er geen menselijke samenleving tot stand komen. De gift vormt vanwege het morele principe van de wederkerigheid het morele cement voor solidariteit. Door de motieven en psychologische factoren uit de gifttheorie te betrekken bij de theorie over solidariteit, kunnen we deze laatste beter begrijpen. Dit wordt duidelijk als we naar de hedendaagse solidariteit kijken. Volgens velen verruwt de samenleving. De sociale cohesie neemt af. Vanwege bijvoorbeeld individualisering en secularisering is het 'ieder voor zich' geworden. Er zou geen solidariteit meer zijn. Komter laat zien dat dit beeld te ongenuanceerd en simpel is. "Uit onderzoek (onder andere enkele onderzoeken van het SCP van de afgelopen jaren) komt naar voren dat we nog steeds gulle gevers zijn, dat er niet minder vrijwilligers actief zijn en dat mantelzorg nog steeds op grote schaal wordt geboden." (, geraadpleegd op 10-03-2010). Wat de laatste jaren wel is veranderd, is de mate van onderlinge afhankelijkheid van burgers. "Mensen zijn niet meer solidair met anderen omdat ze elkaar nodig hebben voor hun overleving, maar omdat ze er zelf voor kiezen" (Komter, 2003, p.209). Het is dus niet mogelijk om in algemene termen te spreken van een toename of afname van solidariteit.

De gift-theorie van Mauss

In de natuur staan soorten elkaar veelal naar het leven. Het leven op deze planeet vormt een arena van felle, vaak gewelddadige competitie binnen soorten en tussen soorten. Dat is een fundamenteel inzicht van Darwin (Corbey, collegereeks Wijsgerige antropologie 2009). In 1924 verscheen Marcel Mauss' beroemde essay over de gift, het Essai sur le don. In dat essay gaat Mauss uit van een Hobbesiaanse visie op de natuur die bij Darwin's inzicht aansluit: we zitten elkaar van nature allemaal dwars. De fundamentele drijfveer van menselijk gedrag is volgens hem wedijver tussen individuen. Maar wat gebeurt er bij mensen, in tegenstelling tot dieren? Mensen wisselen van alles uit: giften, voedsel, huwelijkspartners en diensten. Daardoor wordt volgens Mauss die Hobbesiaanse oorlog van allen tegen allen bedwongen, maar alléén bij mensen. Zogauw er uitwisseling is, is er samenwerking, is er een samenlevingsverband. Zo ontstaat de sociale orde (Corbey, 2006).

Het kernidee van Mauss is dat er een drievoudige morele verplichting bestaat: tot geven, ontvangen en teruggeven. Deze drievoudige verplichting smeedt en bestendigt de band van de betrokkenen. Er is sprake van wederkerigheid. Uitwisseling, of weigering daarvan, is bepalend voor de identiteit van de betrokken individuen en groepen. Tussen wie wordt uitgewisseld? Tussen mensen onderling, maar ook tussen mensen en geesten of mensen en voorouders. De sociale orde die op deze manier wordt geproduceerd en gereproduceerd is voor Mauss nadrukkelijk een morele orde, sterk bepaald door het geheel van overgeleverde waarden en ideeën. De geest van de gever, dachten primitieve stammen, zat in het cadeau. En die geest moet 'wederkeren', terug naar de gever. Wie een cadeau niet op waarde schatte, riep de wraak der geesten over zich af. Wanneer we beginnen uit te wisselen slaat volgens Mauss de oorlog van allen tegen allen om in uitwisselen van allen met allen, of ten minste velen met velen. De pacificerende gift markeert dus het moment waarop een dier mens wordt, het moment waarop de natuurlijke orde wordt getransformeerd tot een morele orde, het stichtingsmoment van de burgerlijke samenleving. De dreiging van geweld en conflict is voortdurend aanwezig. Mensen voltrekken daarom constant, door uit te wisselen, de overgang van de natuurlijke naar de morele orde. De pacificerende werking van de uitwisseling en feesten is vaak beschreven, onder andere bij de Marind Anim, een volksstam uit Nieuw-Guinea. De Marind feestten met elkaar en ontzagen elkaar, maar snelden koppen bij buurvolkeren (Corbey, 2006).

Conclusie

Over het geven van cadeaus valt heel wat meer te zeggen dan op het eerste gezicht lijkt. We hebben gezien dat het cultureel bepaald is of en welke cadeaus er gegeven worden en bij welke gelegenheden dat wel en niet wordt gedaan. Doordat dit cultureel bepaald is, volgt daaruit dat het principe van cadeaus geven tevens de identiteit van individuen vormt. Je leeft immers in een bepaalde cultuur waar gebruiken gangbaar zijn en daardoor wordt je identiteit mede gevormd. Het geven van cadeaus is een traditie, een rite de passage, en tevens een smoothener om het ongemakkelijke beginmoment te doorbreken. Naast de 'normale' betekenissen van het geven van cadeaus, hebben we ook gezien dat het ervoor zorgt dat een burgerlijke maatschappij ontstaat, doordat het de Hobbesiaanse oorlog van allen tegen allen doorbreekt.

Literatuurlijst

  • Bell, 1997, Basic genres of ritual action
  • Bond, M.H., Kagitcibasi, C., Smith, P.B., 2009, Understanding Social Psychology Across Cultures, Living and working in a changing world, Reprinted, SAGE Publications Ltd, London
  • Bowie, F., 2006, The anthropology of religion, an introduction, Second edition, Blackwell Publishing, Malden
  • Corbey, R., 2007, Snellen om namen, KITLV Uitgeverij Leiden, Leiden
  • Hong, Ying-yi, 2000, Multicultural Minds, A Dynamic Constructivist Approach to Culture n Cognition
  • LaFramboise, T., 1993, Psychological Impact of Biculturalism: Evidence and Theory
  • Verkuyten, M., 2006, The Social Psychology of Ethnic Identity, Reprinted, Psychology Press, East Sussex
  • Waldfogel, J., 1993, The Deadweight Loss of Christmass. American Economic Review,

Article name: Acculturatie en identiteit essay, research paper, dissertation